‘Burgers beter bedienen met brede samenwerking’

Beleidsadviseur Janet Berkhoudt (Bunschoten):

De gemeente Bunschoten heeft nieuwe Wmo-taken en jeugdzorg ondergebracht bij één Sociaal Team met zorgprofessionals; zichtbaar, toegankelijk en dicht bij de burger. Dat is gerealiseerd door het team een mooi plekje in het gemeentehuis te geven. ‘En dat werkt’, aldus beleidsadviseur Janet Berkhoudt.

Janet Berkhoudt is als senior beleidsadviseur Wmo verantwoordelijk voor het Sociaal Team, naast een collega die over jeugdzorg gaat. “In de regio Amersfoort, waartoe behalve Bunschoten gemeenten als Soest, Baarn, Leusden en Woudenberg behoren, hebben we in 2015 gekeken in hoeverre we konden samenwerken, onder meer bij de inkoop van zorg, en of we met wijkteams konden gaan werken.”

‘In het belang van de burger kozen we expliciet voor kwaliteit van de zorg’

MEER VAN ONS EN DICHTERBIJ

Bunschoten gebruikte het jaar 2016 om uit te vinden welke vorm het beste voor hen werkte. De keuze voor professionals met een zorgachtergrond stond al gauw vast. Janet: “Die heeft een duidelijke toegevoegde waarde bij de beoordeling welke zorg iemand nodig heeft. In het belang van de burger kozen we expliciet voor kwaliteit van de zorg. En daar hebben we geen spijt van.”

Aanvankelijk werden de zorgprofessionals op basis van detachering gehuurd van diverse zorgaanbieders. Samen met de medewerkers van het Zorgloket namen ze alle gemeentelijke zorgtaken voor hun rekening. “Maar de gemeente besloot om per 1 januari 2017 de banden van de professionals met hun werkgevers te verbreken. We wilden het team ‘meer van ons’ maken, zelfstandig, onafhankelijk en dichter bij de burger. Een andere belangrijke keuze die we gemaakt hebben, is die voor één Sociaal Team – in plaats van meerdere wijkteams – gericht op mensen van alle leeftijden met multiproblematiek.”

Bunschoten werkt nauw samen met buurgemeenten Baarn en Soest. Samen richtten zij een Gemeenschappelijke Regeling (GR) op waarin het Sociaal Team zelfstandig opereert. “Door het in deze vorm te gieten, creëerden we meer onafhankelijkheid. Ook maakten we zo onderlinge vervanging makkelijker en stimuleerden we het ‘van elkaar leren’. Door het met drie gemeenten samen te doen, maak je het bovendien minder kwetsbaar.”

‘Zorgen dat je bekend wordt en dat men je weet te vinden, daar hebben we veel energie in gestoken’

BEKEND EN LAAGDREMPELIG

De eerste twee jaar zitten erop. Hoe bevalt het? “Het was een goede zet om de banden van de professionals met hun werkgevers te verbreken. Daardoor voelen ze zich nu echt een lokaal, zelfstandig team. De teamleden zijn onafhankelijke adviseurs geworden en niet langer ‘oud-medewerkers van’.” Het team is sinds eind 2017 bovendien zelfsturend. “Dat vraagt om een goede onderlinge taak- en rolverdeling en afstemming met inbreng van ieders specialisme. Er is intervisie en overleg; we vormen in die zin absoluut een lerende organisatie.”

Het Sociaal Team heeft veel aandacht besteed aan een goede samenwerking met de eerstelijnszorg. “Zorgen dat je bekend wordt en dat men je weet te vinden, daar hebben we veel energie in gestoken. Zo waren huisartsen aanvankelijk huiverig om mensen door te verwijzen naar het team. Maar toen ze ons eenmaal leerden kennen, zijn ze steeds beter gaan doorverwijzen.”

De beslissing om het sociaal team een plek in het gemeentehuis te geven, is volgens Janet ook een goede geweest: “Goed voor de zichtbaarheid, begrijpelijkheid en laagdrempeligheid van het team.” Bijkomend voordeel is dat de samenwerking en contacten met andere gemeentelijke diensten zoals politie en volkshuisvesting veel soepeler verlopen. “Dat levert een mooie dynamiek op. We kunnen een burger met multiproblematiek veel beter bedienen omdat we breder samenwerken. Ook zorgmijders hebben we nu eerder in beeld dankzij deze contacten. Door vroegsignalering kunnen we ontsporing vóór zijn.”

‘Duurdere intensieve zorg voorkomen door er sneller bij te zijn als er zorgen zijn’

BREDER OPPAKKEN, MEER VRAAG

Janet is tevreden over de aanpak. “Ik denk dat we er goed in zijn geslaagd de zorgvraag in onze gemeente in beeld te brengen. We weten wat er nodig is en bieden een gemiddelde inwoner een goede kwaliteit zorg.” Het jaarlijkse klanttevredenheidsonderzoek van de gemeente lijkt dit te bevestigen. “Onze klanten geven over het algemeen een hoge waardering aan de zorg die we leveren. Het vertrouwen in dit team is groot. Men kent ons en weet ons te vinden, ook dat is een voordeel van het werken met één team.”

Zitten er ook nadelen aan deze manier van werken? “Door de betere toegankelijkheid en laagdrempeligheid kunnen we problematiek eerder en breder oppakken. Daardoor lijkt de zorgvraag – en daarmee de kosten – in eerste instantie te stijgen. Het CPB-rapport heeft me in die zin niet verrast. De richting is juist om duurdere intensieve zorg te voorkomen door er sneller bij te zijn als er zorgen zijn. Daar werken we hard aan.”

BUDGET IN BEELD

Janet is niet bang voor een te grote invloed van zorgaanbieders. “Er is wel druk vanuit commerciële zorgaanbieders om hun diensten af te nemen. Dan is het belangrijk dat een teamlid de regie neemt en sterk in zijn schoenen staat.” Volgens haar helpen de regelmatige intervisie en casuïstiekbespreking binnen het team daar uitstekend bij.

“Natuurlijk kijken we met het team waar budgetoverschrijding plaatsvindt en wat we daaraan kunnen doen. Bijvoorbeeld de meer algemene voorzieningen zo inrichten dat duurdere maatwerkvoorzieningen minder hard nodig zijn. Zo loopt er momenteel een pilot met een groep senioren met beginnende dementie. We laten hen bij elkaar komen, samen eten maken en samen eten. Dat ontlast de mantelzorgers en stelt de zorgvraag naar dagbesteding nog wat uit. Zo zijn we steeds op zoek naar mogelijkheden om de kosten beheersbaar te houden. Maar de kwaliteit van de zorg staat voorop!”

Tekst: Jan Dobbe
Foto’s: De Beeldredaktie / Lex van Lieshout

 

Deel dit artikel!

17//2019

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code

17//2019