‘Toets wat je waarmaakt’

Ervaringen met kwaliteitslabel Sociaal Werk Nederland

Brancheorganisatie Sociaal Werk Nederland lanceerde in 2018 het kwaliteitslabel Sterk Sociaal Werk. Een schot in de roos: na een jaar heeft een kwart van de leden het label behaald of is ermee bezig. Versa Welzijn uit Hilversum was de eerste. ‘Goed om jezelf iedere twee jaar opnieuw te ijken.’

 

Het besluit om een kwaliteitslabel in het leven te roepen stamt uit 2014, vertelt Marije van der Meij, projectleider Kwaliteit en Professionalisering bij Sociaal Werk Nederland. “Na de decentralisatie wilden we als sector duidelijk maken dat we aan kwaliteit werken. Zo’n 30 procent van de leden had een ISO- of HKZ-certificering, de rest had niets.”

ISO en HKZ waren te veel op de zorgsector gericht. “Onze leden voorzagen dat gemeenten behoefte zouden krijgen aan controle en dus aan een kwaliteitseis. Daarom vroegen zij ons als brancheorganisatie een – aanvullend – eigen kwaliteitslabel te ontwikkelen. Goede dienstverlening aan bewoners moet daarin centraal staan. Hoe professionals dat waarmaken, daar wilden we op toetsen.”

Afscheid van ISO

Early adopter Versa Welzijn uit Hilversum is met circa 260 sociaal werkers actief in de zes gemeenten van Gooi- en Vechtstreek en in Eemnes. Toen Anita Keita in 2018 aantrad als directeur, had de organisatie naast het Sterk Sociaal Werk-label ook nog een ISO-certificering. Anita: “Ik vond twee keurmerken niet nodig en heb beide ter discussie gesteld. Omdat Sterk Sociaal Werk veel beter aansluit bij ons werk, namen we afscheid van ISO.”

Versa ontwikkelt zich naar een organisatie volgens Rijnlands model: uitgaan van vertrouwen, vakmanschap centraal, samenwerken, minder hiërarchie, geen scheiding tussen denken en doen. Professionals worden uitgenodigd zelfbewust te zijn, na te denken over hoe ze hun vak willen invullen en daar samen kritisch op te reflecteren. Anita wilde bij de eerstvolgende audit, in 2019, zien of de normen van het label (zie kader) goed aansluiten bij deze Rijnlandse waarden. Dat bleek het geval. De kosten, die de tien mille per jaar niet overschrijden, vormden ook geen probleem. Omdat bij Versa intern de vraag nog rondging of ze het label wel wilden houden, en zo ja hoe dan, werd er ook een tijdsinvestering gevraagd. “Maar het was zinvolle tijd, want je krijgt helder hoe je ervoor staat.”

‘Niet alle leden zaten te wachten op een keurmerksysteem; we hebben ons er als een pitbullterriër in vastgebeten’

Grote hobbel

Voor Sociaal Werk Nederland bracht de opzet van het label veel werk met zich mee. Marije: “Reken op drie jaar ontwikkeltijd en dan nog een jaar of twee totdat iedereen zich er helemaal in kan vinden.” Mandaat en draagvlak verkrijgen was een grote hobbel. De brancheorganisatie moest met pakweg vijfhonderd leden in gesprek, samen definiëren wat ‘kwaliteit’ is en mensen overtuigen die van huis uit niks hebben met systemen.

“Niet alle leden zaten te wachten op een keurmerksysteem met alle gedoe van dien, zoals toetsing en handhaving. We hebben ons er als een pitbullterriër in vastgebeten. We zijn blijven herhalen wat het voor je organisatie doet als je laat zien dat je staat voor kwaliteit en dat een systeem ook waardegedreven kan zijn. Zo hebben we hen weten te overtuigen. Daarbij hielp het dat we zoveel mogelijk leden die erin geloofden het verhaal hebben laten vertellen: kleine en grote organisaties met verschillende visies op kwaliteit. Zo namen we het vooroordeel weg dat we iets ontwikkelden voor een elitaire koplopersgroep en werd het van iedereen.”

Wat óns bezighoudt

Omdat veel sociaalwerkorganisaties niet gewend waren processen en werkwijzen op papier te zetten, ontwikkelde Sociaal Werk Nederland een ‘zelfevaluatie’. Marije: “Een handige tool gebaseerd op de 52 normen waarop we toetsen en die zichtbaar maakt hoeveel werk en tijd de voorbereiding op een audit kost. Organisaties kunnen eruit opmaken of ze toe zijn aan het label.”

Versa Welzijn maakte geen gebruik van de zelfevaluatie. Anita: “Niet de normen van het label moesten het uitgangspunt zijn, maar wijzelf. Wij wilden het hebben over de thema’s die ons bezighouden en vervolgens zien of de normen van het label daarbij aansluiten: vakmanschap, reflectie op het werk, veiligheid en vertrouwen, goed samenwerken – met elkaar en met de circa zestienhonderd vrijwilligers – en de effecten van je werk zichtbaar maken.”

‘Geïnterviewden vonden de auditgesprekken leuk en spannend, het maakte hun trots om over hun vak te praten’

Mooi bijeffect

Alle Versa-medewerkers werden betrokken bij de voorbereiding op de audit en bespraken bovengenoemde thema’s met elkaar. Het MT van Versa beschreef de processen en werkwijzen en besprak die met medewerkers en de ondernemingsraad. De teams die de auditor op bezoek kregen, werden hierop apart voorbereid. De audit verliep prima, vertelt Anita. “Alle geïnterviewden vonden de gesprekken leuk en spannend, het maakte mensen trots om over hun vak te praten. Een mooi bijeffect.”

De verbeterpunten waren geen verrassing. Het belangrijkste: de evaluatie van het functioneren van medewerkers. Anita legt uit: “In 2018 schaften we de functioneringsgesprekken-cyclus tussen sociaal werkers en managers af, omdat die niet werkte. Met medewerkers ontwikkelden we een persoonlijk ontwikkelplan met horizontale evaluatie. Daarnaast reflecteren teams met inwoners op hun resultaten en werkwijze. Deze ontwikkelingen passen helemaal bij het Rijnlandse model, maar terecht constateerde de auditor dat dit nog onvoldoende is toegepast – de implementatie was op het moment van de audit net gestart. Dat herkennen we helemaal; daar werken we aan verder.”

Intercollegiaal toetsen

Sociaalwerkorganisaties kunnen kiezen uit twee toetsingsvarianten: intercollegiaal of extern. Bij een externe toetsing voert een Certificerende Instelling (CI) de gesprekken. Sociaal Werk Nederland heeft een mantelovereenkomst met vier CI’s die ze haar leden aanbeveelt, maar ook andere CI’s mogen toetsen, mits zij voldoen aan de voorwaarden.

Bij een intercollegiale adviesmeting, eventueel gecombineerd met een externe toetsing, toetsen twee of meer organisaties elkaar. Marije: “Je neemt een kijkje in elkaars keuken en leert van elkaar – typisch voor de lerende organisatie.” De praktijk is evenwel weerbarstig, blijkt uit pilots. Marije: “Het is moeilijk een goed auditgesprek te voeren dat niet als afvinken voelt. Daarom hebben we nu voor organisaties die dat willen een auditor-training ontwikkeld. Het moet nog blijken of daar voldoende animo voor is.”

‘Het label is een motivatie-boost voor medewerkers die eraan werken’

Waarmaken

Anita beveelt het label Sterk Sociaal Werk aan bij collega-organisaties: “Goed om jezelf iedere twee jaar te ijken en te zien of je je werk nog goed doet. Laat je niet afschrikken door het grote aantal normen. Die moet je vooral beoordelen op hun essentie. Vertaal die naar je eigen praktijk en kijk of het past.”

Of het label klanten en inwoners iets zegt, betwijfelt de directeur van Versa Welzijn: “Zij willen gewoon dat je je werk goed doet. Het label is in de eerste plaats fijn voor jezelf; het is een motivatie-boost voor medewerkers die eraan werken.” Daarnaast is het goede PR voor de organisatie: “Het label wordt gewaardeerd door opdrachtgevers zoals gemeenten en colleges van B&W. Maar uiteindelijk moeten we het in de dagelijkse praktijk waarmaken.”

Bekijk ook het filmpje van Sociaal Werk Nederland over de meerwaarde van een kwaliteitslabel

Tekst: Jan Dobbe
Foto’s: De Beeldredaktie / Herbert Wiggerman

 

Toetsing op 52 normen

Vakmanschap, Dienstverlening, Organisatie & Bestuur, dat zijn de drie categorieën waarop getoetst wordt of een organisatie in aanmerking komt voor het label Sterk Sociaal Werk. In totaal worden 52 normen gewogen.
Toetsing vindt plaats in een gesprek met professionals, waarbij nadrukkelijk geen afvinklijst wordt afgewerkt. De goed opgeleide auditors doen hun werk zonder dat de geïnterviewden doorhebben dat zij op alle normen worden getoetst.
Met het leerrapport dat de auditor schrijft heeft de organisatie een concrete actielijst voor doorontwikkeling. Sociaal Werk Nederland krijgt van ieder rapport een samenvatting – en daarmee een beeld van landelijke trends en ontwikkelingen. Een beheercommissie met een aantal leden van Sociaal Werk Nederland beslist uiteindelijk of het label (weer) wordt toegekend en heeft daarbij als taak het kwaliteitslabel door te ontwikkelen.

Deel dit artikel!

19//2019

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code

19//2019