01WerkLoont - Jaap de Koning


Re-integratie bij aanvang leidt tot minder bijstandsafhankelijkheid

Jaap de Koning over onderzoek naar WerkLoont

Een programma bestaande uit sollicitatiehulp, training en een verplichte werkdag leidt tot een daling in het aantal bijstandsgerechtigden. Dat blijkt uit het onderzoek naar de re-integratiemaatregel WerkLoont van de gemeente Rotterdam. Het onderzoek geeft bovendien meer inzicht in de werkzame bestanddelen van re-integratie.

 

Tal van re-integratiemaatregelen zijn er al bedacht en uitgevoerd, maar stromen hierdoor daadwerkelijk meer mensen uit de uitkering? En helpen deze programma’s de deelnemers vaker aan een betaalde baan? Jaap de Koning, hoogleraar Arbeidsmarktbeleid aan de Erasmus Universiteit (tevens wetenschappelijk directeur van onderzoeksbureau SEOR) wilde het weten. Hij zette een experiment op waarbij bijstandsgerechtigden willekeurig in twee groepen worden verdeeld. De ene groep doet mee aan de re-integratiemaatregel, de andere groep krijgt alleen de basale dienstverlening van de gemeente. “Net als in de medische wereld willen we op deze manier controleren of een maatregel effectief is.”

Huiverig om mee te doen

De Koning zet zich in voor objectief en gecontroleerd onderzoek om de praktijk te voeden met zo helder mogelijke cijfers over de effectiviteit van interventies. Als je het experiment goed opzet, hoeft het onderzoek niet eens zo ingewikkeld te zijn, is zijn ervaring. Toch zijn nogal wat gemeenten huiverig om mee te doen. Hij was dan ook blij dat Rotterdam er wel oren naar had om dit experiment uit te voeren. Onderwerp van onderzoek: de werkzame bestanddelen van WerkLoont, een re-integratiemaatregel voor nieuwkomers in de bijstand met een korte afstand tot de arbeidsmarkt.

Onderzoek met een experimentele groep en een controlegroep vindt bij voorkeur plaats in een grote gemeente. Er zijn immers grote aantallen deelnemers nodig om betrouwbare conclusies te trekken. WerkLoont was om die reden zeer geschikt voor dit experiment. Van de ongeveer 10 duizend Rotterdammers die jaarlijks in de bijstand komen, doen er ongeveer 3.500 aan dit programma mee.

Het levert meer op dan het kost

Deelnemers aan WerkLoont dienen zo snel mogelijk in hun eigen levensonderhoud te kunnen voorzien. Het werk hoeft volgens de gemeente niet aan te sluiten bij opleiding, ervaring en wensen, al mag de deelnemer wel zelf werk aandragen. Dat karakter maakt het Rotterdamse programma behoorlijk omstreden: hoogopgeleiden kunnen verplicht worden om een dag in de week straten te vegen.

Uit de vergelijking tussen de experimentele en de controlegroep blijkt dat het programma voor de gemeente inderdaad vruchten afwerpt: de instroom van bijstandsgerechtigden was bij de experimentele groep lager en de uitstroom naar werk hoger. “Je lost er zeker niet het hele probleem mee op, maar wel een gedeelte ervan”, zegt De Koning. “Qua besparing op de bijstandsuitkeringen levert het programma de gemeente méér op dan het kost.”

Wake-up call: niet zomaar een uitkering

Wat zijn de ‘regelknoppen’ waardoor de deelnemers uitstromen? Uit interviews met cliënten en klantmanagers is duidelijk geworden dat het programma voor hen vooral dient als een wake-up call. Deelnemers zien in dat ze bepaalde vaardigheden missen om effectief te kunnen solliciteren. Verder beseffen ze dat ze niet zomaar een uitkering krijgen. Sommigen worden ook afgeschrikt door de verplichte onderdelen van het programma, in het bijzonder de verplichte werkdag.

 

‘Cliënten realiseren zich dat de wereld is veranderd en dat ze het solliciteren op een andere manier moeten aanpakken’

 

Door deze reality check zoeken de deelnemers harder en breder naar een baan. Ook staan ze meer open voor sollicitatietraining en suggesties voor een effectievere manier van solliciteren. “Cliënten realiseren zich dat de wereld is veranderd en dat ze het solliciteren op een andere manier moeten aanpakken dan vroeger”, zegt De Koning.

Baat bij intensievere bemiddeling

De praktische tips voor solliciteren en het jezelf presenteren bleken vooral handig voor mensen die relatief gemakkelijk te plaatsen zijn. Voor de deelnemers die met complexere problemen worstelen bleken deze programmaonderdelen niet voldoende om een baan te bemachtigen.

Mensen met schulden, een verslaving of een tekort aan scholing moeten allereerst passende oplossingen vinden voor die problemen, zeggen De Koning en zijn team. Binnen WerkLoont zijn de mogelijkheden daarvoor beperkt. “Verder zouden deelnemers in het algemeen gebaat zijn bij intensievere bemiddeling naar betaald werk”, denkt De Koning. Hij heeft de gemeente daarom geadviseerd om ook meer aandacht aan vakscholing te geven om de uitstroom naar werk sterker te bevorderen.

Resultaten zijn niet altijd spectaculair

Het onderzoek levert een aantal heldere cijfers op. In de experimentgroep stroomde 47,9 procent binnen een jaar uit de uitkering, in de controlegroep was dat 40,7 procent. Het effect van WerkLoont op de uitstroom is dus 7,2 procent. Na drie jaar is 4 tot 4,5 procent van de deelnemers aan WerkLoont niet meer afhankelijk van een uitkering. Dat percentage is niet spectaculair hoog, maar De Koning vindt WerkLoont al met al een zinvol programma.

Ook andere maatregelen leveren vaak geen spectaculaire resultaten op, zegt hij. “Van tijd tot tijd komt er een nieuwe methode in de mode, vaak uit het buitenland, die grote resultaten belooft. Zo zou uitbesteding aan particuliere re-integratiebureaus veel beter zijn. Maar na enige tijd komen we daar vaak toch weer op terug. Na dertig jaar arbeidsmarktbeleid geloof ik niet meer in grote stappen. Ik zie veel meer in stapsgewijze verbetering om de effectiviteit van diverse maatregelen te vergroten. Daar zijn deze experimenten erg nuttig voor.”

Tekst: Sigrid van Iersel
Foto’s: Annelies van ‘t Hul

Wat is WerkLoont?

WerkLoont is een verplicht re-integratietraject voor werkzoekenden met een bijstandsuitkering van de gemeente Rotterdam. Het traject duurt vijftien weken en bestaat uit groepstrainingen (zoals sollicitatievaardigheden), huiswerk en betaald werk. Dit werk van een dag per week mogen deelnemers zelf zoeken. Anders zijn ze wekelijks acht uur werkzaam via de gemeente, bijvoorbeeld als straatveger of papierprikker.

Wat is onderzocht?

De gemeente Rotterdam wilde weten of WerkLoont een effectieve bijdrage levert aan minder instroom in de bijstand en een grotere uitstroom naar werk. Daarbij hebben zij de effecten over een periode van drie jaar gemeten bij een experimentele groep (deelnemers aan WerkLoont) en een controlegroep (alleen basisdienstverlening). Er werd willekeurig bepaald wie WerkLoont kreeg en daarmee in de experimentele groep kwam.

Wat zijn de resultaten?

Cliënten die hebben deelgenomen aan WerkLoont hebben gemiddeld minder (lang) een uitkering en doen vaker betaald werk. Het effect over drie jaar is vrij klein (4 tot 4,5 procent), maar levert voldoende besparingen op bijstandsuitkeringen op om de kosten van WerkLoont meer dan goed te maken. De effecten bij vrouwen zijn duidelijk groter dan bij mannen.

Belangrijkste tip voor gemeenten:

Een maatregel als WerkLoont met een combinatie van sollicitatietraining en verplicht werk biedt perspectief voor mensen met een korte afstand tot de arbeidsmarkt. Bied daarnaast ook meer bemiddeling aan naar geschikte vacatures en korte beroepstrainingen.

Meer informatie:

 

Remco van Dorp, strategisch adviseur Werk en Inkomen gemeente Rotterdam:
‘Blij met de feitelijke onderbouwing’

“WerkLoont is als instrument best omstreden en duikt regelmatig op in de media. We willen daarom weten of het echt werkt en voor welke personen. Op die manier kunnen we ons beleid met feiten onderbouwen. Dit is nu een van de weinige instrumenten waarvan de werkzaamheid duidelijk is bewezen. Dat geeft stevigheid. Ook al is het effect beperkt, de effectiviteit over de langere termijn staat nu wel precies vast. Ook voor de politieke verdediging van dit beleid helpt het dat we weten dat de besparingen op uitkeringen de kosten van WerkLoont overtreffen.

Ook willen we weten wat we kunnen doen om het effect verder te vergroten. Daarom willen we vervolgonderzoek doen. Ook kunnen we de resultaten gebruiken om onze aanpak in het algemeen te versterken. Doordat 50 procent van de deelnemers aan WerkLoont binnen vijftien weken uitstroomt, is er daarna ruimte om de werkzoekenden die het echt nodig hebben de intensieve begeleiding en vakscholing te bieden die de onderzoekers ons adviseren.

Binnen de eigen organisatie is draagvlak nodig voor zo’n onderzoek. Een experiment vraagt discipline van de mensen in de uitvoering, want zij moeten een consequente aanmelding doen voor de experimentele groep en de controlegroep. Met een onderzoek weet je dat je opnieuw de aandacht vestigt op WerkLoont. Maar dat weerhoudt ons er niet van om te leren. We willen niet op basis van een beeld werken, maar een goed doordachte aanpak toepassen.”

Vakkundig aan het werk

Wat werkt er nu echt bij interventies in het sociaal domein? Welke methode op het gebied van re-integratie is effectief? En wat is de beste manier om armoede te bestrijden? Om wetenschappelijk gefundeerde antwoorden te krijgen op dit soort vragen werken VNG, Divosa, UWV, ZonMW en de ministeries van SZW en VWS samen in het meerjarige kennisprogramma ‘Vakkundig aan het werk’. Het doel hiervan is: het ontwikkelen van nieuwe wetenschappelijke kennis waar de gemeentelijke uitvoeringspraktijk van kan profiteren. Uiteindelijk leidt dat tot een effectievere dienstverlening aan de burger.

Deze serie artikelen belicht recente onderzoeken in het kader van dit kennisprogramma en laat zien wat wel en niet werkt in het sociaal domein. Ook lees je hoe je er zelf mee aan de slag kunt gaan.

Meer informatie:

 

 

Deel dit artikel!

Wellicht vind je dit ook interessant:

7 richtingaanwijzers voor de uitvoeringspraktijk Zeven onderzoeksresultaten waar gemeenten hun voordeel mee kunnen doen.
Hoe (bege)leid je werknemers met een beperking? Mentorwijs van Werkzaak Rivierenland leert leidinggevenden hoe ze mensen met een beperking goed kunnen begeleiden.
Meer zelfvertrouwen, meer perspectief In Leeuwarden helpen lotgenoten elkaar in peergroups aan meer contacten en meer zelfvertrouwen.
10//2017

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

code

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

10//2017